Hoge Raad: overeenkomsten met online kansspelaanbieders niet nietig wegens het ontbreken van een vergunning

3 juli 2026

De Hoge Raad heeft geoordeeld dat overeenkomsten met online kansspelaanbieders die zonder Nederlandse vergunning opereren, niet nietig of vernietigbaar zijn op grond van artikel 3:40 BW. Volgens de Hoge Raad heeft het vergunningvereiste uit de Wet op de kansspelen niet de strekking de geldigheid van dergelijke overeenkomsten aan te tasten. Wel kunnen spelers onder omstandigheden nog een beroep doen op wilsgebreken of onrechtmatige daad.

Civiel

De HR heeft zich uitgesproken over de vraag of overeenkomsten met online kansspelaanbieders zonder vergunning in Nederland nietig of vernietigbaar zijn op grond van artikel 3:40 BW. De HR oordeelt dat dit niet het geval is. Hoewel de Wet op de kansspelen (Wok) mede verbiedt om zonder vergunning kansspelen aan te bieden, heeft dit verbod niet de strekking om de geldigheid van de gesloten overeenkomsten aan te tasten. Die wet voorziet in bestuursrechtelijke en strafrechtelijke handhaving maar regelt niet de civielrechtelijke gevolgen van een overtreding. Ook is er geen sprake van strijd met de openbare orde of goede zeden. Daarbij is van belang dat het voor de inhoud van een door een speler aangegane overeenkomst geen verschil behoeft te maken of de aanbieder beschikt over een vergunning, en dat kansspelen in Nederland niet categorisch verboden zijn. Dit betekent dat spelers die bij een online aanbieder zonder vergunning in Nederland hebben gespeeld, niet zomaar hun verlies kunnen terugvorderen op basis van nietigheid of vernietigbaarheid van de overeenkomst. Volgens de Hoge Raad kan onder omstandigheden wel een beroep worden gedaan op wilsgebreken (bijv. dwaling of bedrog) of onrechtmatige daad.

ECLI:NL:HR:2026:1159

 

This site is registered on wpml.org as a development site. Switch to a production site key to remove this banner.