Hoge Raad: Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen: termijn en duur

24 april 2026

De HR oordeelt over de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen en verduidelijkt de termijn en duur van de schuldsaneringsregeling, waaronder de aanvangsmomenten van de termijn op grond van art. 349a Fw en de kwalificatie van afdrachten tijdens een voorafgaand faillissement, en bevestigt daarnaast dat ook binnen een btw-fiscale eenheid de contractuele verhoudingen met de afnemer bepalend blijven voor btw‑teruggaaf, waarbij een rechtstreeks verband tussen de onbetaalde vordering en de met btw belaste prestatie vereist is.

Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen: termijn en duur

Civiel

De schuldsaneringsregeling duurt anderhalf jaar. Art. 349a Fw bepaalt echter dat deze termijn kan aanvangen vanaf het moment van de eerste aflossing in het kader van een buitengerechtelijke schuldregeling, dus vóórdat in een rechterlijke uitspraak de schuldsaneringsregeling van toepassing is verklaard. De HR beantwoordt prejudiciële vragen en verduidelijkt dat ook afdrachten die zijn gedaan tijdens een faillissement dat voorafgaat aan de schuldsaneringsregeling kunnen kwalificeren als zo’n eerste aflossing. Dat geldt niet voor afdrachten die zijn gedaan tijdens een faillissement dat wegens gebrek aan baten is opgeheven. Het gevolg zal feitelijk zijn dat de duur van de schuldsaneringsregeling zal worden bekort.

ECLI:NL:HR:2026:714

Ook binnen een btw-fiscale eenheid blijven de contractuele verhoudingen met de afnemer bepalend voor btw-teruggaaf

Fiscaal

Een onderneming verkoopt mobiele telefoons met abonnement via twee vennootschappen binnen één btw-fiscale eenheid: één levert het toestel, de andere verstrekt het krediet waarmee consumenten in termijnen kunnen betalen. Bij niet-betaling van de krediettermijnen vraagt de onderneming btw-teruggaaf over de toestellevering. De Belastingdienst weigert dit, omdat het krediet juridisch losstaat van de koopprijs. De HR bevestigt dat voor teruggaaf een rechtstreeks verband vereist is tussen de onbetaalde vordering en de met btw belaste prestatie, te beoordelen aan de hand van de contractuele verhoudingen. Het bestaan van een fiscale eenheid verandert dit niet. De zaak wordt terugverwezen.

ECLI:NL:HR:2026:713

This site is registered on wpml.org as a development site. Switch to a production site key to remove this banner.